Wednesday, June 22, 2005

Go watch the movie, Kidz! Posted by Hello

Tuesday, June 21, 2005

http://www.newventure.nl/

Handboek ‘Starting up’
Het handboek ‘Starting Up - Achieving success with professional business planning’ is een praktisch boek van ongeveer 200 pagina’s dat is ontwikkeld door McKinsey & Company in Zwitserland. Het handboek is tot stand gekomen na uitgebreide gesprekken met ondernemers, venture capitalists en andere mensen die veel ondernemingsplannen onder ogen krijgen.
New Venture raad je sterk aan het te zorgen dat je in het bezit bent van het handboek, omdat dit dient als uitgangspunt voor respectievelijk de haalbaarheidstest in ronde twee en het schrijven van een ondernemingsplan in ronde drie.
Het handboek ‘Starting Up - Achieving success with professional business planning’ is te bestellen vanuit de New Venture Community. Daarnaast is het handboek gratis te downloaden (pdf, 550 Kb).
Voor bestellingen van grotere aantallen handboeken kunt u contact opnemen met de wedstrijdorganisatie.


Also handy (on the website):

2K Kennis en kunde
ArtCoco
BTC-Twente
Belastingdienst
BViT Innovatienetwerk
De Baak, Management Centrum VNO-NCW
Doorstarters Netwerk Amsterdam
EIM
Entre Jeunes
Higher Level Forum
Intermediair
Informatiepunt Technostarters Zuid-Holland
Jong Management
Jong MKB Nederland
Kamer van Koophandel
Licentec
LiveWIRE
Ministerie van Economische Zaken
MKBalans
Nieuwe Bedrijvigheid
Nebib
Nederlands Techniekweb
Novem
OnderneemHet
Starterscentrum Amsterdam West
Startkabel.nl - Bedrijfsplan
Startpunt-Haarlem
Stichting Ondernemersklankbord
StudEnterprise
TechnoPartner
Yes!Delft

Nuttige links voor Zelfstandig Ondernemerschap:

Area010 Incubator for Innovative Ventures www.area010.nl
Kennisalliantie Zuid Holland www.kennisalliantie.nl
Ondernemerswinkel Rotterdam www.ondernemerswinkel.rotterdam.nl

KvK Rotterdam www.rotterdam.kvk.nl
OntwikkelingsBedrijf Rotterdam (OBR) www.obr.rotterdam.nl
Syntens www.syntens.nl
Dreamstart www.dreamstart.nl
Het beste idee van Nederland www.hetbesteideevan.nl
Bureau voor de Industriele Eigendom(BIE) www.bie.nl
Kennisinfrastrucuur Mainport Rotterdam(KMR) www.kmr.nl
I-portal www.i-portal.nl
Digital Port Rotterdam www.digitalportrotterdam.nl
De academische entrepreneur www.academischeentrepreneur.nl
Jonge ondernemers, TBM Delft www.jongeondernemers.nl
Senter www.lerenondernemen.nl

Bedrijfsplan en bedrijfsplanwedstrijden:

New venture
www.newventure.nl
Entrepreneurship
www.entrepreneur.com
Livewire
www.livewire.nl

Op de Erasmus Universiteit onderhoudt le manageur goede contacten met onderstaande verenigingen.

Vanaf 1969 onstonden de disputen. De disputen zijn in het leven geroepen om gevorderde studenten diepgang te bieden binnen hun specifieke afstudeerrichtingen. In de jaren tachtig zijn deze disputen overgegaan in onderverenigingen en sinds 2001 heten de vroegere onderverenigingen, studieverenigingen. De studieverenigingen zijn heden ten dagen onafhankelijk van de EFR. Er bestaat echter nog steeds een maandelijks overleg tussen de EFR en de studieverenigingen aan de FEW ( Aeclipse, Diode, Erassicururazione, MAEUR, le manageur, FSR, VRiSBI, Transito, Eurban en In Duplo).

De hierboven genoemde studieverenigingen hebben een convenant getekend. Het convenant gaat onder andere uit van de hierna beschreven punten. Studenten die lid zijn van één van de bovenstaande studieverenigingen en studeren aan de FEW dienen ook lid te zijn van de EFR. Van deze leden wordt een gezamenlijke ledenadministratie gevoerd.

http://lemanageur.nl/

24 Hours Business Game 2005

Words become true in 24 hours

The final activity of the entrepreneurial cycle of this year will be the 24-hours business game, which will be organised by le manageur at the 26th and 27th of May.

Content
During the 24-hours business game teams will write a business plan within 24 hours.

During rounds of advise, you will be given the opportunity to gather advise from consultants experienced in the field of entrepreneurship. To use the full potential of the advise and time teams are advised to inform themselves on the theory of writing a business plan.. At the end of the game, an experienced jury will evaluate the plans and announce the winners. Food and drinks will be provided by the organisation.



Prizes
The first prize is “the first one hundred days experience” provided by Area010 incubator for innovative ventures. During 100 days you will experience true entrepreneurship by creating a solid business model based on your business plan and you will test your model in the market. You will find out whether your business plan has the right ingredients to actually start up your own business. Also you are given the opportunity to use the office facilities of Area010 in the prestigious world trade centre and you can use Area010’s network and coaching facilities.

Requirements
A team consists of up to 5 persons. Students can also apply individually. At a social drink about two weeks before the 24 Hours Business Game you will then be given the opportunity to meet others and team up.

The total costs of this event is 10 euro for members of le manageur and 12,50 euro for non-members.


The deadline for applying is Tuesday 10th of May. You can sign up by sending an e-mail to ondernemerscyclus@lemanageur.nl or visit us at room H7-07.

http://www.belastingdienst.nl/

Algemene spelregels

Als u ondernemer bent, zult u op allerlei manieren contact hebben met de Belastingdienst en Uitvoering Werknemersverzekeringen (UWV). Bij alle contacten met de Belastingdienst en UWV heeft u een aantal rechten. Daarnaast moet u weten hoe belastingen en premies worden vastgesteld en geïnd en hoe u moet betalen. Bij alle contacten met de Belastingdienst en UWV kunt u aanspraak maken op een correcte en zorgvuldige behandeling.

Uw rechten
De Belastingdienst en Uitvoering Werknemersverzekeringen (UWV) moeten bij contacten met u een aantal regels in acht nemen.

Belasting betalen of terugkrijgen
Het is voor u natuurlijk van groot belang om te weten wanneer u belasting moet betalen en of u misschien belasting terug kunt krijgen.

De Belastingdienst of UWV komt op bezoek
Kunnen de Belastingdienst en UWV op een willekeurig tijdstip bij u langskomen? En wat komen ze precies doen? Zo geeft de Belastingdienst tijdens een startersbezoek advies over de manier waarop u het beste uw administratie kunt inrichten en van welke regelingen u kunt profiteren.

Gegevens bijgewerkt tot 1 april 2005
De informatie in dit site-onderdeel is bijgewerkt tot 1 april 2005. Voor informatie over wijzigingen na die datum, kunt u terecht bij de Belastingdienst en bij UWV.

http://www.rotterdam.kvk.nl/

Plannen voor een eigen bedrijf?
Hier vindt u informatie die u helpt bij een goede start.
Het stappenplan biedt u houvast bij alle voorbereidingen. U wordt stap voor stap begeleid van de oriëntatie tot aan de start. Zo ziet u geen cruciale zaken over het hoofd.

U kunt ook direct een thema kiezen: het ondernemingsplan, rechtsvormen, belastingen en nog veel meer.

https://www.stadswonen.nl/website_new/html/bedrijven.html

https://www.stadswonen.nl/website_new/html/bedrijven.html
Op meerdere locaties in de (binnen)stad biedt Stadswonen huisvesting aan bedrijven. Wij verhuren 12.000 m2 bedrijfsruimte in woongebouwen. Zo ontstaat een optimale integratie van wonen en werken.
Bedrijfsruimte op maatDe beschikbare ruimte varieert van opslagruimte tot hoogwaardige kantoorruimte. Maar ook winkels, restaurants en middenstandsbedrijven vinden geschikte huisvesting bij stadswonen.
Wonen en werkenDaarnaast verhuurt Stadswonen gecombineerde woon/werkeenheden. In Parkhaven en Puntegale vindt u een optimale balans tussen wonen en werken. Ideaal voor startende ondernemers of thuiswerkers om huis en bedrijf te koppelen.
Meer informatieNeem contact op via e-mail bedrijven@stadswonen.nl of telefoon 010 800 73 33.



M D Podsiadlo
Struisenburgdwstr 732
3063 BW ROTTERDAM
Kenmerk : Front Office/ adm. medewerkers
Onderwerp : Verlenging inschrijving

Geachte heer,
Onlangs heeft u gereageerd op ons verzoek uw inschrijving bij Stadswonen te verlengen. Middels deze mail laten wij u weten dat uw reactie voor inschrijfnummer 2005020296 is verwerkt.
Indien u wijzigingen heeft doorgegeven, dan ontvangt u hiervoor een aparte bevestiging.

Met vriendelijke groet,
Stadswonen

Struisenburgdwarsstraat 109 - 3063 BT Rotterdam Postbus 4057 - 3006 AB Rotterdam telefoon 010- 8007200 / fax 010- 4145086



---------- Forwarded message ----------
From: Stadswonen inschrijvingen
Date: Sat, 18 Jun 2005 15:14:19 "GMT"
Subject: Wijziging inschrijving via internet
To: M D Podsiadlo


De onderstaande wijziging is aangevraagd bij Stadswonen:
(wijzigingen zijn NIET direct zichtbaar op de website!)

Geacht Stadswonen,

Hierbij de aanvraag voor de onderstaande wijzigingen voor inschrijfnummer: 2005020296.

Verlengen : Ja
Locatie 1 : Puntegale
Locatie 2 : geen voorkeur
Woonvorm 1 : 1 persoons extra vertrek
Woonvorm 2 : 1 persoons zelfstandig
Opmerkingen : Graag zou ik mijn verlening willen wijzigen voor het woongebouw Puntegale met de bedoeling tzt te switchen naar een businessunit en tot die tijd zelfstandig in dat gebouw


Met vriendelijke groet,
M D Podsiadlo

Artikel 7

De Raad gaat niet over tot verlening van een vrijstelling van de verplichting bij een patroon kantoor te houden als bedoeld in artikel 9b derde lid van de wet, dan nadat de stagiaire in voldoende mate heeft getracht een patroon te vinden bij wie hij kantoor kan houden en daarin niet of niet op voor de Raad aanvaardbare voorwaarden is geslaagd.(4)

(4) Vrijwel alle Raden van Toezicht hebben in hun Stagereglement of in een richtlijn betreffende Buitenstagiaires de eisen, die worden gesteld in artikel 9b lid 3 Advocatenwet, nader uitgewerkt.
Zie voor zoekverplichting: AR 22 november 1985, Adv.bl. 1986, blz. 511; AR 31 augustus 1992 en HR 27 januari 1989, NJ 1989, 782 (Schaap/NOVA). Zie voor eisen aan de praktijkfinanciering: AR 8 januari 1990, Adv.bl. 1990, blz. 456. Zie ook: www.advocatenorde.nl onder `Disciplinaire en andere uitspraken´. (bew.)

dariuszadvocates.tk

Jouw domeinnaam: DARIUSZADVOCATES.TKBedankt voor het registreren van je domeinnaam DARIUSZADVOCATES.TK bij Dot TK!

dariuszadvocates.tk

Domeinnaam registratie (Stap 5 van 5)
Jouw domeinnaam: DARIUSZADVOCATES.TK
Bedankt voor het registreren van je domeinnaam DARIUSZADVOCATES.TK bij Dot TK!
Voordat je je Dot TK domeinnaam kunt gebruiken, moeten we je e-mailadres verifiëren. Daarom hebben we je een
Deze e-mail bevat een hyperlink. Kopieer en plak deze link in een browser, zoals Netscape Navigator of Internet Explorer. Na de e-mailverificatieprocedure zal je Dot TK account automatisch worden geautoriseerd.
Wanneer je geen bevestigingse-mail ontvangt of indien je de hyperlink die in die e-mail wordt gegeven niet kunt gebruiken, zal je Dot TK domeinnaam opnieuw beschikbaar komen. Wacht 72 uur op je domein omdat het systeem alle domeinnamen die in verwerking zijn bewaart. Daarna kun je proberen hetzelfde domein opnieuw te registreren.
Dankjewel voor het gebruiken van Dot TK.

hhhmmm...

http://www.voorbeginners.info/domeinnaam/

nog meer handige links:

http://www.vso-advocatuur.nl/opleiding/vso.html

Opleiding en stagiaire-aangelegenhedenBeleid in geval van verzoeken op grond van artikel 12, vierde lid, Advocatenwet - ontheffing kantoor houden in NederlandIn het Advocatenblad van 3 oktober 2003 is het beleid gepubliceerd dat de Algemene Raad hanteert bij de beoordeling van een verzoek ex artikel 12, vierde lid, Advocatenwet. In verband met de ontwikkelingen sinds die tijd heeft de Algemene Raad, in vergadering bijeen op 7 juni 2004, besloten dit beleid aan te passen. Dit gewijzigde beleid is in het Advocatenblad van 25 juni 2004 gepubliceerd. Hieronder staat kort het beleid uiteengezet.Vestiging buiten Nederland en de ontheffing ingevolge artikel 12, vierde lid, Advocatenwet Met ingang van 15 juni 2002 heeft het Ministerie van Justitie ingevolge de inwerkingtreding van de Wet van 28 maart 2002 tot opneming in de Advocatenwet van enkele bepalingen over het onderzoek naar de toestand van de praktijk van een advocaat en wijziging van een aantal artikelen van deze wet (Stb. 2002, 184) de Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten belast met de beslissingsbevoegdheid over de verzoeken tot ontheffing artikel 12 , vierde lid, Advocatenwet. De Minister van Justitie was tot die tijd verantwoordelijk voor de besluitvorming en bepaalde het beleid met betrekking tot de ontheffingen. De Algemene Raad heeft in zijn vergadering van 1 september 2003 het beleid vastgesteld met betrekking tot Nederlandse advocaten die zich buiten Nederland willen vestigen, maar hun inschrijving op het tableau willen handhaven.Vestiging Nederlandse advocaat in een EU-landDe Vestigingsrichtlijn biedt enerzijds aan advocaten de mogelijkheid om in een andere EU-lidstaat en EER-staat (artikel 16h Advocatenwet) dan waar de beroepskwalificatie is verworven, onder zijn oorspronkelijke beroepstitel werkzaam te zijn. Anderzijds wordt aan deze advocaat de mogelijkheid geboden om op grond van zijn beroepservaring tot de advocatuur in de lidstaat van ontvangst toe te treden.Ontheffing?Op grond van artikel 12, eerste lid, Advocatenwet zijn advocaten verplicht hun kantoor te hebben binnen het arrondissement, bij welke zij zijn ingeschreven. Verzoeken om ontheffing van advocaten dienen vóór vertrek naar het buitenland aan de Algemene Raad te worden voorgelegd. De Nederlandse advocaat die onder zijn oorspronkelijke beroepstitel in een ander EU-land zijn beroep wil uitoefenen is gehouden in Nederland ingeschreven te blijven (overweging 12 van de Vestigingsrichtlijn 98/5/EG) en zich bij de bevoegde autoriteit van het land van ontvangst te laten inschrijven (artikel 3 van de Vestigingsrichtlijn). Indien de verwachting is dat de advocaat korter dan één jaar in het EU-land verblijft, wordt door de Algemene Raad dispensatie gegeven van het overleggen van het bewijs van inschrijving in het land van ontvangst.De samenhangende verplichtingen van inschrijving in zowel Nederland, als het land van ontvangst, brengen met zich mee dat de in Nederland ingeschreven advocaat die in een ander EU-land zijn kantoor wil vestigen, een ontheffing nodig heeft op grond van artikel 12, vierde lid, Advocatenwet. Op grond van het vierde lid kan de Algemene Raad, gehoord de Raad van Toezicht, om bijzondere redenen aan een advocaat die zijn kantoor buiten Nederland wenst te vestigen ontheffing verlenen van de verplichting kantoor te hebben binnen het arrondissement. Bij de beoordeling van het verzoek door de Algemene Raad wordt betrokken:• het belang van betrokkene bij het verzoek, zoals de persoonlijke ontwikkeling en training van de betreffende advocaat en de wens om bij de uitoefening van de werkzaamheden de oorspronkelijke beroepstitel te kunnen blijven voeren;• het naleven van de verordeningen. Om inzicht te krijgen in de onafhankelijkheid van de beroepsuitoefening wordt aan de Raad van Toezicht gevraagd in welk praktijkverband hier te lande de advocaat werkzaam is en in het buitenland werkzaam zal zijn (vgl. overweging 15 van de Vestigingsrichtlijn).StagiairesDe Vestigingsrichtlijn is niet van toepassing op stagiaires. Het komt echter regelmatig voor dat stagiaires wel een ontheffing ex artikel 12, vierde lid, Advocatenwet aanvragen. Bij de beoordeling van dit verzoek door de Raad van Toezicht onderzoekt de Raad van Toezicht het verloop van de stage. Volgens het inmiddels in de praktijk ontwikkelde beleid kunnen stagiaires die het certificaat van de beroepsopleiding hebben, wel voor een ontheffing in aanmerking komen. De Algemene Raad zal dit beleid voortzetten. De Raad van Toezicht zal daarbij op grond van artikel 9b, derde lid, Advocatenwet de stagiaire overigens ook nog ontheffing moeten verlenen om bij zijn patroon kantoor te houden. De Algemene Raad zal de Raad van Toezicht vragen in haar advies aan te geven op welke wijze de stageopleiding in het buitenland een vervolg zal krijgen.Volgens het op 1 september 2003 door de Algemene Raad vastgestelde beleid werd een verzoek tot ontheffing, gedaan door een stagiaire die de beroepsopleiding nog niet had afgerond, niet gehonoreerd. Op 7 juni 2004 heeft de Algemene Raad zijn beleid ten aanzien van de stagiaire die de beroepsopleiding nog niet heeft afgerond, verruimd.Wanneer ontheffing?Bij de beoordeling van een verzoek tot ontheffing van het bepaalde in artikel 12, eerste lid Advocatenwet hanteert de Algemene Raad de onderstaande criteria:- Ontheffing wordt voor bepaalde – door verzoeker aan te geven – periode verleend.- Bij terugkeer in Nederland wordt door verzoeker tot intrekking van de verleende ontheffing verzocht.- Wordt er geen concrete periode aangegeven bij het verzoek tot ontheffing, maar lijkt uit het verzoek voort te vloeien dat het gaat om een periode korter dan een jaar, dan wordt ontheffing gegeven voor de periode van een jaar. Is die periode langer dan een jaar dan wordt ontheffing gegeven voor de periode van drie jaar, daarmee aansluiting zoekend bij de termijn als genoemd in het Besluit zwangerschap en bevalling en advocaten in het buitenland.- Indien de periode waarvoor ontheffing is verleend is verstreken, wordt hiervan vanwege de Nederlandse Orde van Advocaten melding gedaan aan het kantoor van de advocaat aan wie ontheffing is verleend. Verlenging van de ontheffing kan worden verzocht. Zo niet, dan wordt betrokkene erop geattendeerd dat de ontheffing is komen te vervallen en als gevolg daarvan geen beroep meer kan worden gedaan op het Besluit zwangerschap en bevalling en advocaten in het buitenland.- Ontheffing kan worden verleend aan advocaat-stagiaires, die de Beroepsopleiding hebben voltooid. In uitzonderingsgevallen kan aan advocaat-stagiaires, die de Beroepsopleiding nog niet hebben voltooid, toch ontheffing worden verleend. In beide gevallen geldt dat alleen ontheffing wordt verleend als voldaan wordt aan de volgende vereisten:
1. Een Nederlandse advocaat is patroon en bevindt zich met de stagiaire op hetzelfde kantoor hetzij in Nederland hetzij in het buitenland. Op de dagen dat de stagiaire werkt op het kantoor waar de patroon niet werkzaam is, wordt de stagiaire begeleid door een patronabele mentor.2. Naast het volgen van de Beroepsopleiding dient – voorzover deze nog niet is afgerond – gedurende de stage Nederlandse (proces)ervaring te worden opgedaan. Voor het geval de advocaat-stagiaire de Beroepsopleiding nog niet heeft afgerond dient hij in beginsel twee dagen per week dagen daadwerkelijk op de Nederlandse vestiging werkzaam te zijn; de Beroepsopleiding mag daarin begrepen zijn.3. De Beroepsopleiding dient – voorzover deze nog niet is afgerond – binnen de daartoe gestelde termijn te worden afgerond.4. Eventueel door de Algemene Raad op advies van de plaatselijke Raad van Toezicht te stellen aanvullende voorwaarden gericht op de specifieke situatie.Vestiging in landen buiten de EUAdvocaten die zich buiten de EU willen vestigen, behoeven hun inschrijving in Nederland niet te handhaven. Het komt echter voor dat advocaten om hun moverende redenen (bijvoorbeeld, omdat zij verwachten dat hun verblijf in het buitenland tijdelijk is) de inschrijving als advocaat in Nederland willen handhaven. In dat geval dienen zij eveneens op grond van artikel 12, vierde lid, Advocatenwet aan de Algemene Raad een ontheffing te vragen. De Raad van Toezicht betrekt anders dan bij de EU-advocaat, in het advies alleen het belang van betrokkene bij het verzoek. Verzoeken van stagiaires die zich buiten de EU willen vestigen, worden door de Algemene Raad op dezelfde wijze afgehandeld als de verzoeken binnen de EU.

http://www.advocatenorde.nl/NOVA/

Disciplinaire en andere uitspraken

Instantie: Algemene Raad
Datum: 14/04/1997
Nummer:
Nummer Advocatenblad: 9803
Datum Advocatenblad: 06/02/1998
Rubrieken:
Advocatenwet, Artikel 09; Artikel 09b-01; Artikel 09b-03Stageverordening 1988, Artikel 04-01

Korte inleiding:
Goedkeuring patronaat, binnen- of buitenpatronaat?

Samenvatting:Goedkeuring patronaat, binnen- of buitenpatronaat?

De aanwezigheid van een loondienstverhouding is in zijn algemeenheid niet een voorwaarde voor het bestaan van een binnenpatronaat. Ook andere financiële afspraken kunnen maken dat een patronaatsverhouding niet als buitenpatronaat moet worden beoordeeld.

Tekst:
Feiten, inhoud van de beslissingMr A verzoekt goedkeuring aan de Raad van Toezicht van zijn patronaat over mr Z. De Raad stelt vast dat er geen loondienstverhouding zal bestaan tussen patroon en stagiaire, zodat het gaat om een buitenpatronaat en de daarvoor geldende regels en voorwaarden moeten worden nageleefd. Omdat mr Z niet eerst heeft getracht een binnenpatroon te vinden wordt daarom de goedkeuring geweigerd. Min of meer ten overvloede wordt bovendien overwogen dat het overgelegde ondernemingsplan te mager is en er onvoldoende duidelijkheid bestaat over de reëel te verwachten en te realiseren praktijkomvang. De Algemene Raad overweegt dat 'niet in zijn algemeenheid (kan) worden gesteld dat de aanwezigheid van een loondienstverhouding voorwaarde is voor het bestaan van een binnenpatronaat. Bij de beoordeling van de vraag of sprake is van een binnen- dan wel een buitenpatronaat dienen ook de andere omstandigheden van het geval te worden betrokken.' De Algemene Raad overweegt in casu, dat mr Z kantoor zal houden in het kantoorgebouw van zijn patroon, en dat er zodanige financiële afspraken zijn gemaakt dat het gaat om een kantoorkostencombinatie, waardoor mr Z deel zal gaan uitmaken van een reeds bestaand organisatorisch verband. Relevant is daarbij dat mr Z mee zal kunnen bepalen welke nieuwe investeringen plaats zullen vinden, en dat de verschuldigde kantoorkosten een percentage zullen zijn van de door hemzelf gegenereerde omzet. Ten slotte is van belang dat mr A heeft verzekerd te zullen en kunnen voldoen aan de verplichting ex artikel 5 lid 4 Advocatenwet om aan zijn stagiaire voldoende passende arbeid te verschaffen. De Algemene Raad vernietigt mitsdien de beslissing van de Raad van Toezicht en verleent goedkeuring aan het patronaat van mr A over mr Z.

Noot:Annotator: © Nederlandse Orde van Advocaten

zonder dank aan de website...

STAGE- EN OPLEIDINGSREGLEMENT


De Raad van Toezicht van de Orde van Advocaten in het arrondissement Rotterdam heeft in zijn vergadering d.d. 29 oktober 2002 de volgende regeling vastgesteld ter uitvoering van het bepaalde in art. 9.b. lid 3 Advocatenwet j0 art. 7 Stageverordening 1988 en art. 5 lid 2 j0 art. 11 Stageverordening 1988 alsmede art. 26 Advocatenwet.

Artikel 1 Patronaat algemeen

1.1. Behoudens bijzondere omstandigheden zal een patroon tegelijkertijd slechts het patronaat over ten hoogste twee stagiaires mogen uitoefenen.
1.2. Een patroon zal over ten hoogste één buitenstagiaire het patronaat mogen uitoefenen.
1.3. De stagiaire moet, indien hij niet in dienstverband doch in een kantoorcombinatie of enige andere samenwerkingsvorm gaat werken (samenwerkingsverband met één of meer andere advocaten daaronder begrepen), de desbetreffende overeenkomst tevoren aan de Raad ter goedkeuring voorleggen.
1.4. Behoudens in gevallen, als hieronder bedoeld in artikel 2 lid 1, is de stagiaire verplicht kantoor te houden bij de patroon. Indien de patroon en/of het samenwerkingsverband waarvan de patroon deel uitmaakt kantoor houdt op meer dan één plaats houdt de stagiaire kantoor op de plaats waar de patroon zijn werkzaamheden (hoofdzakelijk) verricht.
1.5. Het hierna onder 2.4. tot en met 2.14. bepaalde is eveneens van toepassing op stagiaires die weliswaar kantoor zullen houden bij hun patroon doch niet in dienstbetrekking van hun patroon werkzaam zullen zijn.

Artikel 2 Buitenpatronaat

2.1. Vrijstelling van de verplichting bij de patroon kantoor te houden als bedoeld in art. 9.b lid 3 van de Advocatenwet wordt door de Raad slechts verleend indien door de stagiaire ten genoegen van de Raad is aangetoond dat door de stagiaire aan de hierna onder 2.2. tot en met 2.10. gestelde voorwaarden is voldaan.
2.2. De stagiaire dient gedurende een periode van tenminste 6 maanden – welke periode niet eerder kan aanvangen dan het tijdstip waarop de stagiaire de bevoegdheid, als bedoeld in art. 2 Advocatenwet, heeft verkregen om inschrijving als advocaat te verzoeken serieus getracht te hebben een patroon te vinden bij wie de stagiaire kantoor kan houden, welke pogingen onvruchtbaar gebleken moeten zijn.
2.3. Onder serieus trachten een patroon te vinden als bedoeld in lid 2 wordt, tenminste, verstaan dat de stagiaire sollicitatiebrieven met bijgesloten een curriculum vitae en een cijferlijst van zijn doctoraal examen aan een grote verscheidenheid van potentiële patroons heeft gezonden en gevolg heeft gegeven aan uitnodigingen om zijn sollicitatie te bespreken. De sollicitaties behoren niet tot het arrondissement Rotterdam beperkt te blijven, tenzij de stagiaire ten genoegen van de Raad kan aantonen dat hij voor de uitoefening van zijn praktijk gebonden is aan het arrondissement Rotterdam.
2.4. De stagiaire dient ten genoegen van de Raad aan te tonen aan de hand van een door hem over te leggen, door een externe deskundige opgesteld, en door de patroon goedgekeurd ondernemingsplan, waaronder een begroting en liquiditeitsprognose voor de eerste drie praktijkjaren, dat de financiering van de door de stagiaire uit te oefenen praktijk voldoende gewaarborgd is. De begroting dient een toelichting te bevatten op de te verwachten omzet en op welke feiten en omstandigheden deze verwachting is gebaseerd. De begroting dient voorts te bevatten een volledig, gespecificeerd overzicht van de te verwachten praktijkkosten, waaronder begrepen de premie voor de beroepsaansprakelijkheidsverzekering, welke dient te voldoen aan de voorschriften van de te dier zake geldende Verordening en de premie voor een door de stagiaire te sluiten arbeidsongeschiktheidsverzekering, die dekking geeft vanaf de 32ste dag van arbeidsongeschiktheid en waarvan de uitkeringshoogte minimaal het geldende minimumloon bedraagt.
2.5. De stagiaire dient overeenkomstig het bepaalde in de Verordening een beroepsaansprakelijkheidsverzekering af te sluiten alsmede een arbeidsongeschiktheidsverzekering als onder 2.4. bedoeld.
2.6. De stagiaire dient aan de Raad over te leggen een verklaring van een (Nederlandse) bank of (andere) kredietinstelling inhoudende dat deze bereid is aan de stagiaire gedurende de eerste drie praktijkjaren een krediet in rekening-courant ter beschikking te stellen ter hoogte van tenminste  35.000,--, waarbij verpanding van vorderingen uit de advocatenpraktijk, behoudens vorderingen op de Raad voor Rechtsbijstand uit hoofde van de door de overheid gefinancierde rechtsbijstand, niet is toegestaan.
2.7. De stagiaire dient ten genoegen van de Raad aan te tonen dat hij de beschikking heeft over een met de eisen van behoorlijke praktijkuitoefening overeenstemmend kantoor en inventaris, waaronder begrepen voldoende handboeken en vakliteratuur.
2.8 De stagiaire dient werkzaam te zijn in een kantoorcombinatie of enige andere samenwerkingsvorm, zoals toegelaten in de Verordening.
2.9. De stagiaire dient jegens de Raad aannemelijk te maken dat een behoorlijke praktijkomvang mogelijk is en dat de te behandelen zaken de nodige diversiteit zullen vertonen.
2.10. Het kantoor van de stagiaire dient gevestigd te zijn in de gemeente waarin de buitenpatroon kantoor houdt, of in de directe nabijheid van dat kantoor.
2.11. Op eerste verzoek van de Raad doet de stagiaire verslag van de financiële ontwikkeling van zijn praktijk, zo mogelijk door middel van jaarrekeningen en balansen.
2.12. Gedurende de eerste zes maanden van de stage wordt van de buitenpatroon en de stagiaire verlangd:
- dat zij wekelijks mondeling met elkaar overleg plegen over de praktijkuitoefening van de stagiaire en wel tenminste éénmaal per maand op het kantoor van de stagiaire;
- dat de stagiaire de buitenpatroon inzage geeft in zijn uitgaande correspondentie en zijn processtukken;
- dat de stagiaire inlichtingen verschaft aan de buitenpatroon over de door de stagiaire in behandeling genomen zaken.
Gedurende de tweede zes maanden van de stage wordt van de buitenpatroon en stagiaire verlangd:
- dat zij om de twee weken mondeling met elkaar overleg plegen over de praktijkuitoefening van de stagiaire, en wel tenminste éénmaal per twee maanden op het kantoor van de stagiaire;
- dat de stagiaire de buitenpatroon overzicht verschaft van zijn uitgaande correspondentie, zijn processtukken en de door hem in behandeling genomen zaken.
Gedurende de resterende periode van de stage plegen de buitenpatroon en de stagiaire tenminste éénmaal per maand overleg over de praktijkuitoefening, en wel tenminste éénmaal per half jaar op het kantoor van de stagiaire.
2.13. De buitenpatroon draagt er zorg voor dat hij in het eerste jaar van de stage tenminste tweemaal en in de resterende periode gemiddeld éénmaal per jaar alle bij de stagiaire in behandeling zijnde zaken met deze bespreekt.
Zo mogelijk éénmaal per jaar is de buitenpatroon aanwezig bij een in overleg met de stagiaire te bepalen optreden van deze laatste voor een gerechtelijke instantie.
2.14. De buitenpatroon ziet toe op de wijze waarop de stagiaire de praktijk organiseert; daartoe ziet hij tenminste tweemaal per jaar diens boekhouding in en vergewist hij zich er onder meer van dat deze is ingericht in overeenstemming met de Boekhoudverordening en dat de richtlijnen in faillissementen en surséances van betaling worden nageleefd. De Raad kan op door hem te bepalen tijdstippen de boekhouding van de buitenstagiaire door een registeraccountant laten controleren.
Een lid van de Raad zal in het eerste jaar van de stage en zonodig in de resterende periode met de buitenstagiaire en diens patroon een gesprek hebben over het verloop van de stage.

Artikel 3 Opleidingsmaatregelen

3.1. Stagiaires zijn, behoudens ontheffing overeenkomstig het bij of krachtens de Advocatenwet bepaalde, verplicht aan de Beroepsopleiding, zoals vastgesteld door de Algemene Raad, en de daaraan verbonden toetsen en examens deel te nemen alsmede vier VSO-cursussen te volgen.
Daarnaast dient de stagiaire de – in het kader van de harmonisatie van de plaatselijke opleidingsmaatregelen overeengekomen - 34 plaatselijke opleidingspunten te behalen op de wijze zoals hierna onder 3.2 en 3.3 aangegeven. Die maatregelen zijn niet onderling uitwisselbaar.
3.2. De stagiaire dient het hierna te noemen aantal lezingen en themamiddagen bij te wonen, waarvan de organisatie door de Raad is gedelegeerd aan de Jonge Balie, onder voorafgaande goedkeuring van de Raad: 8 lezingen (elk 1 punt) en 3 themamiddagen (elk 2 punten).
Voorts dient de stagiaire één rolzitting bij te wonen die daartoe speciaal zal worden aangewezen (2 punten) en één of meer vakinhoudelijke cursussen te volgen van in totaal 12 opleidingspunten, zoals een PAO-, OSR- of VSO-cursus en niet zijnde een cursus georganiseerd door de Stichting Opleiding Advocaten Arrondissementen Rotterdam en Dordrecht of een interne kantoorcursus.
De puntentoekenning voor de vakinhoudelijke cursussen is gebaseerd op de puntentoekenning volgens de Verordening Permanente Opleiding: het volgen van 1 uur onderwijs levert 1 punt op.
3.3. De stagiaire dient tenminste éénmaal deel te nemen aan de door de Jonge Balie, onder verantwoordelijkheid van de Raad, georganiseerde pleitoefeningen (4 punten) en éénmaal deel uit te maken van een in het kader daarvan ingestelde rechtbank (2 punten). Het rooster voor de pleitoefeningen wordt vastgesteld door de Jonge Balie. In plaats van aan de pleitoefeningen kan de stagiaire deelnemen aan de door de Jonge Balie georganiseerde pleitwedstrijden mits de stagiaire langer dan één jaar als advocaat is ingeschreven.
3.4. Indien de stagiaire tijdens de stage van arrondissement verandert, worden de in het andere arrondissement behaalde plaatselijke opleidingspunten, te bepalen aan de hand van een verklaring ter zake van de (adjunct-) secretaris van de Raad van Toezicht, voor de te behalen plaatselijke opleidingspunten, als bedoeld in de artikelen 3.2 en 3.3 meegeteld.
3.5. De duur van de stage wordt verlengd totdat de stagiaire alsnog ten genoegen van de Raad aantoont aan de opleidingsmaatregelen te hebben voldaan.
3.6. De stagiaire zal zo spoedig mogelijk na de beëdiging kennis maken met de leden van de Rechterlijke Macht op de daartoe aangegeven wijze.
3.7. De stagiaire dient ten genoegen van de Raad aan te tonen meermalen voor één of meer gerechtelijke c.q. arbitrale colleges actief op te zijn getreden door bijvoorbeeld het voeren van een kort geding, het houden van een pleidooi, het bijwonen van een comparitie van partijen, een getuigenverhoor of een andere mondelinge behandeling.
Voorts dient de stagiaire tijdens zijn stageperiode nauw betrokken te zijn geweest bij het opstellen van processtukken.
3.8. De patroon bevordert dat de stagiaire lid is van de Vereniging De Jonge Balie en stelt de stagiaire in de gelegenheid aan de activiteiten van de Vereniging in het bijzonder die genoemd onder 3.2 en 3.3 deel te nemen.
3.9. In het geval van arbeidsongeschiktheid die de praktijkvoering geheel onmogelijk maakt, zal worden beslist tot verlenging van de stage, wanneer deze arbeidsongeschiktheid gedurende langere tijd dan drie maanden voortduurt, in welk geval de verlenging geldt voor een periode gelijk aan de periode van arbeidsongeschiktheid voor zover deze de vorenbedoelde periode van drie maanden te boven gaat. In geval van langdurige, gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid geldt deze regeling naar evenredigheid.

Artikel 4 Slotartikel

De Raad is bevoegd zowel om nadere voorwaarden te stellen als om af te wijken van de bepalingen van dit reglement, wanneer zich bijzondere omstandigheden voordoen die daartoe naar zijn oordeel aanleiding geven.

Artikel 5 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt op 1 oktober 2002 in werking en is van toepassing op de stagiaires die in 2003 met de Beroepsopleiding Advocatuur beginnen. Voor alle anderen blijven de opleidingseisen zoals vermeld in het Stage- en Opleidingsreglement dat op 1 januari 2000 van kracht is geworden onveranderd gelden.
Deze regeling laat onverlet hetgeen overigens met betrekking tot de stage en de opleiding is bepaald in de Advocatenwet en de Stageverordening 1988.

Monday, June 20, 2005

Geacht Jonge Balie Rotterdam,

Beter dat de:

opleidingsreglement_2002.doc

op uw website weer spoedig te downloaden is,

beschouw uzelf in gebreke (gesteld) tot die tijd,

Hoogachtend,

Peter Pan



http://www.jongebalie.nl/ROTTERDAM/opleidingen.htm

http://www.jongebalie.nl/

De ondernemer-stagiaire

STAGEREGLEMENT VAN HET ARRONDISSEMENT MAASTRICHT


De Raad van Toezicht van de Orde van Advocaten te Maastricht gezien artikel 26 van de Advocatenwet alsmede de Stageverordening en gelet op de vernieuwde beroepsopleiding voor stagiaires en de wens te komen tot harmonisatie van de plaatselijke opleidingseisen, heeft in zijn vergadering van 20 september 2002 besloten om vast te stellen en met ingang van diezelfde datum van kracht te doen zijn het navolgende reglement betreffende de stage en het patronaat.


ALGEMEEN

Artikel 1.

In dit reglement wordt verstaan onder:
a. De binnenstagiaire:
De advocaat die niet in het bezit is van de verklaring als bedoeld in artikel 10 Stageverordening 1988 en hetzij in loondienst is van (het kantoor van ) zijn patroon hetzij deel uitmaakt van het organisatorisch verband waarin zijn patroon de praktijk uitoefent en die tevens op hetzelfde adres werkzaam is.
b. De buitenstagiaire:
De advocaat die niet in het bezit is van de verklaring als bedoeld in artikel 10
Stageverordening 1988 en anders dan ten kantore van zijn patroon de praktijk uitoefent.
c. De ondernemer-stagiaire:
De hiervoor sub a en b genoemde advocaat die de praktijk voor eigen rekening en risico uitoefent.
d. De mentor:
Een door de Raad van Toezicht uit zijn midden benoemd lid dat met de stagiaire het verloop van de stage en van de opleiding bespreekt.


Artikel 2.

Dit reglement geldt ten aanzien van stagiaires werkzaam binnen het kantoor van de
patroon, terwijl voor stagiaires werkzaam buiten het kantoor van de patroon de
bepalingen van dit reglement enkel gelden voor zover geen afwijkende bepalingen
van het “buitenpatronaatreglement “ vastgesteld op 20 september 2002 dat van dit reglement deel uitmaakt van toepassing zijn.


Artikel 3.

3.1 De advocaat die met het patronaat wenst te worden belast dient daarvoor goedkeuring
te krijgen van de Raad van Toezicht.

3.2 De Raad van Toezicht kan aan de goedkeuring van een patronaat nadere voorwaarden
verbinden.

3.3 Goedkeuring aan een patronaat kan worden onthouden onder meer als de beoogde
patroon naar het oordeel van de Raad op zodanige wijze in strijd met de Advocatenwet
en de daarop gebaseerde regelgeving respectievelijk het gedrag- en/of tuchtrecht heeft
gehandeld of handelt, dat er naar het oordeel van de Raad onvoldoende waarborgen zijn
voor een goede invulling/uitoefening van het patronaat.

3.4 De Raad kan goedkeuring van het patronaat intrekken ingeval de patroon naar het
oordeel van de Raad op zodanige wijze in strijd met de Advocatenwet en de daarop
gebaseerde regelgeving respectievelijk het gedrag- en/of tuchtrecht heeft gehandeld of
handelt, dat er naar het oordeel van de Raad onvoldoende waarborgen zijn voor een
goede verdere invulling/uitoefening van het patronaat.

3.5 Een patroon kan met goedkeuring van de Raad patroon worden over ten hoogste twee
stagiaires, van wie maximaal een buitenstagiaire.
Een patroon kan slechts patroon van een tweede stagiaire worden indien zijn/haar eerste
stagiaire meer dan een jaar onafgebroken als advocaat werkzaam is.

3.6 De aspirant stagiaire zal voorafgaand dan wel gelijktijdig met de indiening van het
beëdigingrekest aan de Deken ter goedkeuring overhandigen:
- indien de stagiaire in loondienst gaat werken: afschrift van de arbeidsovereenkomst;
- indien de stagiaire in een kantoorcombinatie gaat werken: afschrift van de
samenwerkingsovereenkomst;
- indien de stagiaire in maatschapsverband gaat werken: afschrift van de
maatschapsovereenkomst.
Ingeval van tussentijdse wijziging van een overeenkomst als bedoeld in dit artikel dient
de voorgenomen wijziging van de overeenkomst vooraf ter goedkeuring aan de Deken te
worden overgelegd.

3.7 De stagiaire zal de praktijk uitoefenen als volledige dagtaak in een ten minste 40-urige
werkweek.

3.8 De stagiaire die op de voet van het bepaalde in artikel 9b tweede lid van de
Advocatenwet in deeltijd werkzaam wenst te zijn dient van het voornemen daartoe
kennis te geven aan de Raad. Met toepassing van artikel 8 lid 2 van de Stageverordening
stelt de Raad van Toezicht het minimum aantal uren per week dat de stagiaire praktijk
uitoefent vast op 20 uren binnen de reguliere kantoortijd. De stageduur zal naar
evenredigheid worden verlengd.


OPLEIDING

Artikel 4

4.1 De stagiaire is verplicht de door de Orde van Advocaten verplicht gestelde
beroepsopleiding voor stagiaires te volgen. De stagiaire is verplicht zich zo spoedig
mogelijk na diens beëdiging in te schrijven voor de eerst mogelijke cursus van de
hiervoor bedoelde beroepsopleiding.

4.2 De stagiaire is verplicht lid te worden van de Vereniging Jonge Balie in het
arrondissement Maastricht. De patroon bevordert dat de stagiaire zoveel mogelijk aan de
activiteiten daarvan deelneemt

4.3 Naast de door de Algemene Raad verplicht gestelde opleidingsmaatregelen, inhoudende
het met goed gevolg afleggen van de beroepsopleiding en het volgen van 4 VSO
cursussen, verplicht de Raad van Toezicht de stagiaire 34 opleidingspunten te behalen.

De stagiaire dient:
a. minimaal 12 opleidingspunten te behalen door het bijwonen van het jaarlijks door
de Verenigingen Jonge Balie Maastricht en Roermond te organiseren Jonge Balie
congres (elk 4 punten). In bijzondere gevallen kan, na voorafgaande goedkeuring van
de Raad van Toezicht, een congres worden vervangen door een PAO-cursus, danwel
een door de Raad van Toezicht erkende cursus, mits de stagiaire een bewijsstuk
overlegt waaruit blijkt dat de stagiaire de cursus heeft gevolgd. Voor deze
vervangende cursus geldt dat 60 minuten onderwijs één punt oplevert.
b. 4 opleidingspunten te behalen als pleiter door deel te nemen aan de door de Jonge
Balie georganiseerde pleitwedstrijden, tenzij inmiddels in een ander arrondissement
aan deze dan wel aan een naar het oordeel van de Raad aldaar vergelijkbare verplichting is voldaan.
c. 18 punten te behalen door:
- het minimaal 4 keer per jaar bijwonen van de door de Jonge Balie georganiseerde
lezingen (1 punt per lezing);
- het minimaal 2 keer per jaar bijwonen van de door de Jonge Balie georganiseerde
pleitwedstrijden (1 punt per pleitwedstrijd)
- deel te nemen aan activiteiten waarvan door de Raad van Toezicht is bepaald dat
deze worden aangemerkt als opleidingsmaatregelen voor stagiaires en waaraan
door de Raad van Toezicht voor deelname opleidingspunten zijn toegekend,
waarbij door de Raad van Toezicht kan worden bepaald dat deze punten in de
plaats komen van de met lezingen en/of pleitwedstrijden als bedoeld onder punt a.
en b. te behalen punten.
Het bestuur van de Jonge Balie noteert de aanwezigheid van stagiaires bij de door haar georganiseerde opleidingen en verstrekt aan de Raad van Toezicht een verklaring waaruit blijkt hoeveel opleidingspunten de stagiaire daarmee heeft behaald.

4.4 De patroon stelt de stagiaire in de gelegenheid zonder compensatie met vrije dagen en/of
zonder verlies van inkomsten van de stagiaire bovenomschreven opleidingen te volgen,
de voorbereidende werkzaamheden te verrichten en de examens c.q. toetsen af te leggen.

4.5 Voor de aanvang van de stage maken patroon en stagiaire afspraken omtrent de
voldoening van de kosten verband houdende met de verplicht gestelde
opleidingsmaatregelen. Voorzover deze afspraken afwijken van de richtlijnen
“arbeidsvoorwaarden stagiaires” dienen deze schriftelijk te worden vastgelegd.

4.6 De stagiaire die vrijstelling wenst van een of meer door de Raad van Toezicht verplicht
gestelde opleidingsmaatregelen dient daartoe tijdig een schriftelijk en gemotiveerd
verzoek in te dienen bij de Raad van Toezicht.






BEGELEIDING

Artikel 5

5.1 De patroon geeft aan zijn stagiaire leiding, voorlichting en raad met betrekking tot zijn
gehele praktijkvoering, zowel ten aanzien van de behandeling, de voortgang en de
diversiteit van zaken, als ook ten aanzien van zijn introductie bij en zijn optreden jegens
de rechterlijke macht, confrères en cliënten.

5.2 De patroon verschaft de stagiaire zo ruim mogelijk inzicht in de verschillende aspecten
van de praktijkvoering alsmede in de wijze van de kantoororganisatie, de wijze van
inrichting van de administratie en boekhouding en tevens in de financiële afwikkeling der
zaken, waaronder het opstellen van declaraties.

5.3 De stagiaire is verplicht de door de patroon te geven begeleiding loyaal te aanvaarden.

5.4 De patroon en de stagiaire dienen voor het onderling overleg zoveel tijd als nodig is
beschikbaar te hebben en daarvoor bereikbaar te zijn.

5.6 De patroon controleert en bespreekt in ieder geval gedurende de eerste zes maanden van
de stage in principe dagelijks alle inkomende en uitgaande post alsmede de door de
stagiaire opgestelde processtukken.

5.7 De patroon bespreekt gedurende het verdere eerste stagejaar minimaal twee maal per
week de zaken van de stagiaire en houdt toezicht op de voortgang daarvan. Gedurende
het tweede stage jaar vinden deze besprekingen minimaal eenmaal per week plaats en
verder zo dikwijls als door de patroon en/of de stagiaire nodig wordt geacht.

5.8 De patroon bevordert dat de stagiaire ten minste twee comparities en pleidooien van de patroon c.q. een kantoorgenoot heeft bijgewoond alvorens als advocaat te pleiten.

5.9 De patroon zal gedurende het eerste stagejaar ten minste twee maal een pleidooi en een
comparitie in foro van de stagiaire bijwonen en de betreffende behandeling kort daarna
met de stagiaire bespreken en indien nodig suggesties ter verbetering doen.

5.10 De stagiaire wordt regelmatig betrokken in een zaak die de patroon in behandeling heeft,
hetgeen onder meer inhoudt:
- het houden van een voorbespreking met de stagiaire waarbij de patroon hem zijn
mening geeft over de zaak en de aanpak van de zaak;
- het laten bijwonen van gesprekken met cliënten en, zo mogelijk, met de wederpartij;
- het laten opstellen door de stagiaire van conceptbrieven en -processtukken, welke
vervolgens door de patroon met de stagiaire worden besproken;
- het laten bijwonen van de behandeling van een zaak, in het bijzonder van
pleidooien/mondelinge behandelingen;
- het bespreken van de afloop van de zaak met de stagiaire.





EVALUATIE

Artikel 6

6.1 Eenmaal per jaar brengt de patroon schriftelijk verslag uit aan de Raad van Toezicht over
het verloop van de stage, welk verslag tevoren door de patroon met de stagiaire wordt
besproken.
De patroon maakt daarvoor gebruik van het door de Raad van Toezicht aan hem/haar
toegezonden formulier.

6.2 De Raad van Toezicht benoemt uit zijn midden een mentor. De mentor zal in het eerste
stagejaar twee gesprekken en in het tweede stagejaar één gesprek met de stagiaire
hebben over het verloop van de stage en van de opleiding


VERLENGING EN EINDE VAN DE STAGE

Artikel 7

7.1 Na drie jaar, dan wel na het verstrijken van de verlengde stage-periode als bedoeld in
artikel 2.8, kan de stagiaire een verzoek aan de Raad van Toezicht richten tot het
verkrijgen van een stageverklaring. De Raad van Toezicht beslist eerst op een verzoek
tot afgifte van de stageverklaring na ontvangst van het verslag als bedoeld in artikel 6.1.

7.2 Aan de stagiaire die naar het oordeel van de Raad van Toezicht onvoldoende heeft
deelgenomen aan de voor hem verplicht gestelde opleidingsmaatregelen, alsmede de
stagiaire die anderszins niet aan de vereisten gesteld in de Stageverordening en in het
Stagereglement heeft voldaan dan wel over onvoldoende praktijkervaring beschikt zal de
stageverklaring worden onthouden.
In dat geval bepaalt de Raad van Toezicht, gehoord de stagiaire en de patroon, binnen
welke termijn en op welke wijze de stagiaire alsnog de voorwaarden dient te vervullen
teneinde de stageverklaring te verkrijgen.

7.3 De patroon zal bij voorkeur aan het einde van het tweede stagejaar, doch uiterlijk 6
maanden voor het einde van de stage-periode met de stagiaire overleg voeren of voor de
stagiaire de mogelijkheid bestaat om na afloop van de stage aan het kantoor van de
patroon verbonden te blijven en zo ja, onder welke voorwaarden.


SLOTBEPALINGEN

Artikel 8

8.1 Dit reglement treedt in werking op 20 september 2002.

8.2 In alle gevallen betreffende de stage of het patronaat waarin door de Stageverordening
en/of dit reglement niet wordt voorzien, beslist de Raad.


8.3 De Raad van Toezicht is bevoegd zowel om nadere voorwaarden te stellen als om af te
wijken van de bepalingen van dit reglement, indien zich zeer bijzondere omstandigheden
voordoen die daartoe aanleiding geven.

8.4 Het onderhavige reglement geldt voor die stagiaires die deelnemen aan de vernieuwde
beroepsopleiding welke voor het eerst wordt gegeven in maart 2003.
Op stagiaires die deelnemen/ deel hebben genomen aan de beroepsopleiding vóór
maart 2003 blijft het stagereglement van 30 oktober 1998, gewijzigd 19 oktober 2001,
van toepassing.

8.5 Dit stagereglement maakt onderdeel uit van de rechtsverhouding tussen patroon en
stagiaire en dient gehecht te worden aan de overeenkomst gesloten tussen patroon en
stagiaire.

Maastricht, 20 september 2002



De Deken De Secretaris

Stageverordening 1988(1)

Verplichtingen van de stagiaire

Artikel 6
1. De stagiaire is, tenzij de Algemene Raad respectievelijk de Raad anders bepaalt, gehouden de door de Algemene Raad voor stagiaires vastgestelde verplichtingen, opleidingsmaatregelen met name daaronder begrepen, na te komen.
2. De stagiaire, die bij zijn patroon kantoor houdt, dient de hem door de patroon opgedragen werkzaamheden te verrichten met dien verstande dat de nakoming van de in het eerste lid genoemde verplichtingen voorrang heeft.
3. De stagiaire, die op de voet van artikel 9b derde lid van de wet niet bij zijn patroon kantoor houdt, is verplicht zijn patroon in de gelegenheid te stellen het toezicht als bedoeld in artikel 5, eerste, tweede en vijfde lid uit te oefenen.

Buitenpatronaat

Artikel 7
De Raad gaat niet over tot verlening van een vrijstelling van de verplichting bij een patroon kantoor te houden als bedoeld in artikel 9b derde lid van de wet, dan nadat de stagiaire in voldoende mate heeft getracht een patroon te vinden bij wie hij kantoor kan houden en daarin niet of niet op voor de Raad aanvaardbare voorwaarden is geslaagd.(4)

(4) Vrijwel alle Raden van Toezicht hebben in hun Stagereglement of in een richtlijn betreffende Buitenstagiaires de eisen, die worden gesteld in artikel 9b lid 3 Advocatenwet, nader uitgewerkt.
Zie voor zoekverplichting: AR 22 november 1985, Adv.bl. 1986, blz. 511; AR 31 augustus 1992 en HR 27 januari 1989, NJ 1989, 782 (Schaap/NOVA). Zie voor eisen aan de praktijkfinanciering: AR 8 januari 1990, Adv.bl. 1990, blz. 456. Zie ook: www.advocatenorde.nl onder `Disciplinaire en andere uitspraken´. (bew.)

www.advocatenorde.nl

Sunday, June 19, 2005

Deepak Chopra's The Seven Spiritual Laws Of Success

'A Practical Guide To The Fulfillment of Your Dreams'
By Deepak Chopra. M.D.

Published by Amber-Allen Pub 1995
ISBN: 1878424114
115 pages
Book Summary by Regine Azurin

Dr. Deepak Chopra is a well-known author of more than 25 books. He is one of the leading spokespersons for a growing movement of physicians who are combining modern Western medicine with ancient Eastern healing methods. Chopra was formerly the Chief of Staff at Boston Regional Medical Center, and he has taught at Tufts University and Boston University Schools of Medicine. The Seven Spiritual Laws of Success is a short but insightful book that explains how simple actions can make a big difference. Some parts of it may appear abstract to those who have not experienced Eastern philosophy.
Based on natural laws which govern all of creation, this book shatters the myth that success is the result of hard work, exacting plans, or driving ambition.


Deepak Chopra offers a life-altering perspective on the attainment of success: Once we understand our true nature and learn to live in harmony with natural law, a sense of well-being, good health, fulfilling relationships, energy and enthusiasm for life, and material abundance will spring forth easily and effortlessly

1. The Law Of Pure Potentiality

This law is based on the fact that we are, in our essential state, pure consciousness. According to Chopra, pure consciousness is pure potentiality, it is the field of all possibilities and infinite creativity. Other attributes of consciousness are pure knowledge, infinite silence, perfect balance, invincibility, simplicity and bliss. The more you experience your true nature, the closer you are to the field of pure potentiality. The experience of the Self, or "self-referral", means that our internal reference point is our own spirit and not the object of our experience.

Another way to access the field of pure potentiality is through the practice of non-judgment. Judgment is the constant evaluation of things as right or wrong, good or bad. When you are constantly evaluating, classifying, labeling, analyzing, you create a lot of turbulence in your internal dialogue. This turbulence constricts the flow of energy between you and the field of pure potentiality.

2. The Law Of Giving

In order to keep energy and prosperity coming to us, we have to keep the energy circulating. A river must keep flowing, otherwise it begins to stagnate, to suffocate and strangle its very own life force. Giving and receiving are different aspects of the flow of energy in the universe. If you stop the flow of either, you interfere with nature's intelligence.

Practicing the Law of Giving is actually very simple:
if you want joy, give joy to others. If you want love- learn to give love, if you want attention and appreciation, learn to give the same, if you want material abundance,help others to get material abundance. The easiest way to get what you want is to help others get what they want. If you want to be blessed with all the things in life, learn to silently bless everyone with all the good things in life.

3. The Law of Karma

Every action generates a force of energy that returns to us in like kind - what we sow is what we reap. When we choose actions that bring happiness and success to others, the fruit of our karma is one of happiness and success.

Karma is cause and the effect of your actions simultaneously. Every action generates a force of energy that returns to us in the same way we are sending it out. Karma implies the action of conscious choice-making. Some of these choices are made consciously, while others are made unconsciously.
The best way to maximize the use of karmic law is to become consciously aware of the choices we make in every moment. Everything that is happening in this moment is a result of the choicesyou have made in the past.

The essence of the Law of Karma is the idea of cause and effect. By taking the steps necessary to bring happiness and success to others, the universe will reciprocate by providing you with happiness and abundance.

4. The Law of Least Effort

There is a natural effortless ease in many things. If you observe nature at work, you will see that least effort is expended. Grass doesn't try to grow, it just grows. Fish don't try to swim, they just swim. Flowers don't try to bloom, they just bloom. This is their essential nature. It is also the nature of the sun to shine. It is human nature to make our dreams manifest into physical form, easily and effortlessly.

There are three components to the Law of Least Effort.

a. Acceptance.
It simply means that you make a commitment: "Today I accept people, situations, circumstances and events as they occur.I will live in the moment. I will accept things as they are, not as I would like them to be (my ego). Knowing and understanding this I can be responsible for my emotions and feelings and there for towards my reactions to the world. "

b. Responsibility.
It means not to blame others and yourself. Take the moment and transform it to something better. In this way every tyrant will become your teacher. Reality is an interpretation and you will have many opportunities to evolve. There is a hidden meaning behind all events and this hidden meaning will be serving your evolution.

c. Defenselessness.
This means that you do not have to convince or persuade other people of your point of view. If you watch people around you you'll see that they spend 99% of their time defending their point of view.

5. The Law of Intention and Desire

Whenever you put your attention on will, you grow stronger in your life. Whenever you take your attention away from your will it will disintegrate and disappear.
Intention on the other hand triggers transformation of energy and information. Intent is desire without attachment to the outcome.

6.The Law of Detachment

In order to acquire anything in the physical universe you have to relinquish your attachment to it. This does not mean you give up the intention to create your desire. You don't give up your intention and you don't give up your desire. You give up your attachment to the result. This is a very powerful thing to do. The moment you give up your attachment to the result, you begin to gain perspective on the situation.

7. The Law of Dharma Or Purpose in Life

Everyone has a purpose in Life - a unique gift or special talent to give to others. When we blend this talent with service to others, we experience the ecstasy and exultation of our own spirit, which is the ultimate goal of all goals.

What would you do if money was no concern and you had all the time in the world? If you would still do what you are doing now, then you are in Dharma because you have passion for what you do -you are expressing you unique talent. How are you best suited to serve the world?
Answer that question and put it into practice. By doing this you can generate all the wealth you want because your creative expression matches your fellow humans. You will know true joy and the true meaning of success.


Key thoughts:

"Be more concerned with your character than your reputation, because characte is what you really are, while your reputation is merely what others think you are."
-John Wooden, college basketball coach

"Although they only give gold medals in the field of athletics, I encourage everyone to look into themselves and find their own personal dream, whatever that may be - sports, medicine, law, business, music, writing, whatever. The same principles apply. Turn your dream into a goal and learn how to attack that goal systematically. Break it into bite-size chunks that seem possible, and then don't give up. Just keep plugging away."
- John Naber, swimmer, four-time Olympic Gold Medalist

Top 10

1.
http://www.eyba.org/Eurolawyer.asp?TID=33

2.
http://www.advocatenorde.nl/

3.
http://www.chopra.com/

4.
http://www.anthonyrobbins.com/Home/Intro.aspx

5.
http://www.gettheedge.com

6.
http://www.drwaynedyer.com/home/index.cfm

7.
http://www.louisehay.com/

8.
http://www.sylvesterstallone.com/

9.
http://www.buddha-bar.com/

10.
http://www.pieszyce.pl/?s=gallery&id=24

The Polish Way, by Adam Zamoyski

This masterly and lavishly illustrated history of Poland from the tenth century to the present day tells of Poland's achievement as a European nation.

"Adam Zamoyski's The Polish Way is a stunner; a comprehensive history of Poland....Clear, calm, beautifully written, its scope is enormous, its story enthralling and its illustrations magnificent."
-- Bernard Levin, The Times of London 422 pgs. pb

http://www.polandbymail.com/

www.adamzamoyski.com/

A Question of Honor. The Kosciuszko Squadron: Forgotten Heroes of World War II, Lynne Olson & Stanley Cloud. (Knopf, 2003)

Foreign contribution
From the very beginning of the war, the Royal Air Force accepted foreign pilots to supplement the dwindling pool of British pilots. On 11 June 1940 the Polish Government in Exile signed an agreement with the British Government to form a Polish Army in Britain and, specifically, a Polish Air Force. The first two (of an eventual ten) Polish fighter squadrons went into action in August 1940. In total 4 Polish squadrons took part in the battle (300 and 301 Bomber Squadrons; 302 and 303 Fighter Squadrons) with 89 Polish pilots. Together with more than 50 Poles fighting in British squadrons, a total of 145 Polish pilots defended the British sky. Polish pilots were among the most experienced in the battle, most of them having already fought in the September Campaign in Poland and the Battle of France. One must also point out the very high level of pilot training in the pre-war Poland. 303 Squadron, named after the Polish-American hero General Tadeusz Kosciuszko, achieved the highest number of kills (273) of all the fighter squadrons engaged in the Battle of Britain, even though it only joined the combat on August 30. To put things in perspective, 5% of pilots were responsible for 12% of the total scores of the Battle.

There was also a significant input of Czechoslovak pilots in the Battle of Britain. Two Czech fighter squadrons, 310 and 312, took part in the battle. Together with Czech pilots serving in other allied units, a total of 87 Czechs defended the British sky. Of them, Josef Frantisek, flying with 303 Polish Squadron, was the most efficient allied ace of the Battle of Britain, with 17 confirmed kills.

Three squadrons of American volunteers, known as Eagle squadrons, also fought with the RAF in this period, the first becoming operational in February 1941.


http://encyclopedia.laborlawtalk.com/Battle_of_Britain

http://encyclopedia.laborlawtalk.com/Polish_contribution_to_World_War_II

Book of Five Rings, by Miyamoto Musashi

The Way of the sword is the moral teaching of the samurai, fostered by the Confucianist philosophy which shaped the Tokugawa system, together with the native Shinto religion of Japan. The warrior courts of Japan from the Kamakura period to the Muromachi period encouraged the austre Zen study among the samurai, and Zen went hand in hand with the arts of war. In Zen the are no elaborations, it aims directly at the true nature of things. There are no ceremonies, no teachings: the prize of Zen is essentially personal. Enlightenment in Zen does not mean a change in behavior, but realisation of the nature of ordinary life. The end point is the beginning, and the great virtue is simplicity. The secret teaching of the Itto Ryu school of Kendo, Kiriotoshi, is the first technique of some hundred or so. The teaching is "Ai Uchi", meaning to cut the opponent just as he cuts you. This is the ultimate training... it is lack of anger. It means to treat your enemy as an honoured guest. It also means to abandon your life or throw away fear.

The first technique is the last, the beginner and the master behave in the same way. Knowledge is a full circle. The first of Musashi's chapter headings is Ground, for the basis of Kendo and Zen, and the last book is Void, for that understanding which can only be expressed as nothingness. The teachings of Kendo are like the fierce verbal forays to which the Zen student is subjected. Assailed with doubts and misery, his mind and spirit in a whirl, the student is gradually guided to realisation and understanding by his teacher. The Kendo student practises furiously, thousands of cuts morning and night, learning fierce techniques of horrible war, until eventually sword becomes "no sword", intention becomes "no intention", a spontaneous knowledge of every situation. The first elementary teaching becomes the highest knowledge, and the master still continues to practise this simple training, his everyday prayer.

To learn a Japanese martial art is to learn Zen, and although you can't do so simply by reading a book, it sure does help--especially if that book is The Book of Five Rings. One of Japan's great samurai sword masters penned in decisive, unfaltering terms this certain path to victory, and like Sun Tzu's The Art of War it is applicable not only on the battlefield but also in all forms of competition. Always observant, creating confusion, striking at vulnerabilities--these are some of the basic principles. Going deeper, we find suki, the interval of vulnerability, of indecisiveness, of rest, the briefest but most vital moment to strike. In succinct detail, Miyamoto records ideal postures, blows, and psychological tactics to put the enemy off guard and open the way for attack. Most important of all is Miyamoto's concept of rhythm, how all things are in harmony, and that by working with the rhythm of a situation we can turn it to our advantage with little effort. But like Zen, this requires one task above all else, putting the book down and going out to practice

This is a wonderful book on swordsmanship. It's not about strategy. Strategy is very high level (there are three levels of warfare: strategic, operational, and tactical). This book is about tactics. Strategy is how to win a potential war from a national level; operational refers to how an area commander (e.g. General Schwartzkoff) fights a theater; tactics is how you take a hill or defend your ship.

Sun Tzu's Art of War

Sun Tzu's Art of War

About...

The Master

Sun Tzu [circa 400-320 B.C.] was a native of the Ch`i State.
The surname "Sun" was bestowed on Sun Tzu's grandfather by Duke Ching of Ch`i
[547-490 B.C.]. Sun Tzu's father, Sun P`ing, rose to be a Minister of State in Ch`i, and Sun Tzu himself, whose style was Ch`ang-ch`ing, fled to Wu on account of a rebellion. He wrote the ART OF WAR in thirteen chapters for Ho Lu,
King of Wu and he was subsequently made a general by the king.
He led an army westwards, crushed the Ch`u state and entered Ying the capital.
In the north, he kept Ch`i and Chin in awe. His descendant, Sun Pin, born about a hundred years after his famous ancestor's death, was also an outstanding military genius of his time.

The book itself, being the oldest formalized concepts and principles of (conventional) war and military strategy written about two millenia ago,
is still applicable today, not only in military but in business management as well.


Principles of War


The principle of maneuver
The principle of the objective
The principle of the offensive
The principle of surprise
The principle of economy of force
The principle of mass
The principle of unity of command
The principle of simplicity
The principle of secrecy


The principle of maneuver

After that, comes tactical maneuvering,than which there is nothing more difficult. The difficulty of tactical maneuvering consists in turning the devious into the direct, and misfortune into gain. [7:3]

Let your rapidity be that of the wind, your compactness that of the forest.
In raiding and plundering be like fire, is immovability like a mountain.
Let your plans be dark and impenetrable as night, and when you move, fall like a thunderbolt. [6:19]

Now a soldier's spirit is keenest in the morning; by noonday it has begun to flag; and in the evening, his mind is bent only on returning to camp. A clever general, therefore, avoids an army when its spirit is keen, but attacks it when it is sluggish and inclined to return. This is the art of studying moods.[7:28]

Disciplined and calm, to await the appearance of disorder and hubbub amongst the enemy:--this is the art of retaining self-possession. [7:30]

To be near the goal while the enemy is still far from it, to wait at ease while the enemy is toiling and struggling, to be well-fed while the enemy is famished:--this is the art of husbanding one's strength. [7:31]

To refrain from intercepting an enemy whose banners are in perfect order, to refrain from attacking an army drawn up in calm and confident array:--this is the art of studying circumstances. [7:32]



The principle of the objective

Move not unless you see an advantage; use not your troops unless there is something to be gained; fight not unless the position is critical. [12:17]

No ruler should put troops into the field merely to gratify his own spleen; no general should fight a battle simply out of pique. Anger may in time change to gladness; vexation may be succeeded by content. But a kingdom that has once been destroyed can never come again into being; nor can the dead ever be brought back to life. [12:18-21]



The principle of the offensive

Thus the highest form of generalship is to balk the enemy's plans; the next best is to prevent the junction of the enemy's forces; the next in order is to attack the enemy's army in the field; and the worst policy of all is to besiege walled cities. [3:3]

To secure ourselves against defeat lies in our own hands, but the opportunity of defeating the enemy is provided by the enemy himself. Thus the good fighter is able to secure himself against defeat, but cannot make certain of defeating the enemy. [4:2-3]

Security against defeat implies defensive tactics; ability to defeat the enemy means taking the offensive. Standing on the defensive indicates insufficient strength; attacking, a superabundance of strength. [4:5]



The principle of surprise

All warfare is based on deception. [1:18]

Hence, when able to attack, we must seem unable; when using our forces, we must seem inactive; when we are near, we must make the enemy believe we are far away; when far away, we must make him believe we are near. [1:19]

Hold out baits to entice the enemy. Feign disorder, and crush him. [1:20]

The spot where we intend to fight must not be made known; for then the enemy will have to prepare against a possible attack at several different points; and his forces being thus distributed in many directions, the numbers we shall have to face at any given point will be proportionately few. [6:16]

Rapidity is the essence of war: take advantage of the enemy's unreadiness, make your way by unexpected routes, and attack unguarded spots. [11:19]



The principle of economy of force

By discovering the enemy's dispositions and remaining invisible ourselves, we can keep our forces concentrated, while the enemy's must be divided. We can form a single united body, while the enemy must split up into fractions. Hence there will be a whole pitted against separate parts of a whole, which means that we shall be many to the enemy's few. And if we are able thus to attack an inferior force with a superior one, our opponents will be in dire straits. [6:13-15]



The principle of mass

It is the rule in war, if our forces are ten to the enemy's one, to surround him; if five to one, to attack him; if twice as numerous, to divide our army into two.
If equally matched, we can offer battle; if slightly inferior in numbers, we can avoid the enemy; if quite unequal in every way, we can flee from him.
Hence, though an obstinate fight may be made by a small force, in the end it must be captured by the larger force. [3:8-10]


The principle of unity of command

Thus we may know that there are five essentials for victory:

He will win who knows when to fight and when not to fight.
He will win who knows how to handle both superior and inferior forces.
He will win whose army is animated by the same spirit throughout all its ranks.
He will win who, prepared himself, waits to take the enemy unprepared.
He will win who has military capacity and is not interfered with by the sovereign.
But when the army is restless and distrustful, trouble is sure to come from the other feudal princes. This is simply bringing anarchy into the army, and flinging victory away. [3:16-17]



The principle of simplicity

Now the general who wins a battle makes many calculations in his temple ere the battle is fought. The general who loses a battle makes but few calculations beforehand. Thus do many calculations lead to victory, and few calculations to defeat, how much more no calculation at all! [1:26]



The principle of secrecy

On the day that you take up your command, block the frontier passes, destroy the official tallies, and stop the passage of all emissaries. [11:63]

It is the business of a general to be quiet and thus ensure secrecy; upright and just, and thus maintain order.
He must be able to mystify his officers and men by false reports and appearances, and thus keep them in total ignorance. By altering his arrangements and changing his plans, he keeps the enemy without definite knowledge. By shifting his camp and taking circuitous routes, he prevents the enemy from anticipating his purpose. [11:35-37]

Tot een dagvaarding!